Buurtlink
Maak een keuze uit wat je wilt toevoegen
Stel buurtgenoten op de hoogte van activiteiten aankondigingen en evenementen
Heb je spullen te koop, gratis op te halen of ben je naar iets op zoek
Deel beelden uit de buurt van je favoriete plekken, monumenten of bezienswaardigheden
Deel verhalen uit de buurt over evenementen, historie of bijzondere bewoners
Roep de buurt op om een mening te geven of een stelling, klacht, opinies of meldingen
Schakel je buurtgenoten in voor hulp bij verloren voorwerpen, huishoudelijke zaken of klusjes
Ga een gesprek aan met je buurtgenoten
1. Plaats jouw kalender in de buurt
2. Waar vindt het plaats?

Het bericht wordt geplaatst in alle buurten binnen een straal van 10km

1. Plaats jouw vraag of aanbod in de buurt
2. Wat is de locatie?

Het bericht wordt geplaatst in alle buurten binnen een straal van 10km

1. Deel je foto of video
1. Vertel je verhaal
1. Deel je oproep met de buurt
1. Deel je hulpvraag met de buurt
2. Plaats het in de buurt
1. Stuur een bericht aan je buren
2. Plaats het in de buurt
Thumb 2014%2bhenk

Verhalen / Kerstverhaal van

Kerst

Het is de avond voor de Kerst, als een grijzende man een slaapplaats gevonden heeft in een boerenschuur. Zijn haren zijn strak achterover gekamd boven een smal spits gezicht, waarin twee bruine ogen de omgeving aftasten. Zoekend naar warmte en rust. De geur van het stoffige stro wordt vermengd met de weeë lucht, die uit de nabijgelegen stal komt. Uit het gerammel van kettingen begrijpt hij, dat daar koeien zijn gestald.
Heldere maanstralen, die door een toch stoffig raampje vallen, voorspellen een koude nacht. Om zich tegen die komende koude te beschermen, trekt hij enkele bossen stro naar zich toe en bedekt zijn benen met een oude wollen deken. Zijn half versleten winterjas en gebreide muts zullen de rest van zijn lichaam aangenaam warm houden.

Een goed gezinde boer heeft hem deze plek toegewezen. Gratis, al moest de bezoeker wel met zijn hand op het hart beloven geen vuur te gebruiken. Geen sigaretje opsteken, geen kaarsen opbranden.
“Roken doe ik bijna nooit, alleen op feestelijke dagen steek ik weleens een sigaar op,” stelt hij de boer gerust.
De man rolt zich in zijn nestje van stro, legt nog even zijn hand op zijn muziekkoffer naast hem en probeert in slaap te komen. Het gerammel van de kettingen is voor hem het enige wat de stilte af en toe verbreekt.
De man is een gezonde vent, die meestal meteen weg zakt in een droomloze slaap. De gehele dag snuift hij de frisse buitenlucht op en dat maakt slaperig als je rust en warmte krijgt.

Maar deze avond kan hij de slaap niet vatten.
Ongewild gaan zijn gedachten telkens weer terug naar de tijd, dat hij samen met zijn band gedurende het hele jaar rond reisde door Nederland en Duitsland, soms België. Elke dag gaf hij zich over aan de muziek en de vele fans.
Het was een mooi leven.
Kerstmis bracht dan rust in zijn drukke bestaan. Die dagen van ‘vrede op aarde’ deelde hij met zijn vrouw en zoontje, gezellig in een warm huis rondom de kerstboom met een glas wijn.
Er komt een glimlach op zijn gezicht en hij voelt weer de aanraking met zijn kind, ziet de blozende blik van zijn vrouw en proeft de heerlijke rode wijn op zijn tong. Even droomt hij weg, maar is dan meteen terug in de werkelijkheid.
Ondanks dat ze uit liefde getrouwd waren, kwam door zijn drukke leven als muzikant het gezin op de tweede plaats. Hij liet zich meeslepen door succes en glorie en de consequenties bleven niet uit.

Eens na een tournee van enkele weken met zijn muziekmaten kwam hij één dag eerder thuis, dan iedereen verwachtte. Daar vond hij een dorpsgenoot in zijn bed, met zijn vrouw!
Er ontstond een stevige woordenwisseling, waarna zijn vrouw haar spullen bijeen pakte en vertrok. Ook zijn zoontje nam ze met zich mee. Hij wilde haar niet tegen houden, hoewel het vertrek van zijn zoon hem extra pijn deed. Maar hij kon dit niet voorkomen: hij was immers bijna nooit thuis! Hoe zou hij zijn zoon moeten opvoeden en groot brengen?
Dit betekende het einde van hun huwelijk.

Er verschijnt een glimlach op het gezicht van de muzikant bij de gedachte aan zijn kind. De jongen moet al een jongeman zijn. Gezond en sterk. Waarschijnlijk al getrouwd. Misschien is hijzelf al opa!
Ondanks deze vreugdevolle gedachte verdwijnt de glimlach weer en voelt hij zich in de harde werkelijkheid. Het lijkt of het kouder wordt en de man duikt dieper tussen het stro en trekt de wollen deken wat verder over zich heen.

Sinds de breuk met zijn vrouw en haar vertrek is hij dakloos. De muzikant nam destijds zijn banjo met koffer en mondharmonica, stopte wat kleren in een oude rugzak en liep de wereld in. Zonder doel; zonder toekomst, zijn gezin, vrienden en fans achterlatend. Alleen zijn muziek droeg hij met zich mee.
Slapen en eten doet hij nu in allerlei dorpen bij arbeidersfamilies, die tegen een kleine vergoeding mensen onderdak en eten verschaffen, een bed geven en hiermee wat extra’s verdienen. Vanuit deze tijdelijk onderkomens gaat hij de dorpen door tot iedereen van zijn banjo en mondharmonica heeft kunnen genieten.
Altijd vrolijk. Altijd sympathiek. Altijd te voet.
Na elk optredentje schudt hij met zijn centenbakje en gaat door tot dat hij alle straten en deuren van het dorp heeft gehad. Dan betaalt hij netjes zijn kostvrouw, pakt zijn rugzak en instrumenten en loopt naar het volgende dorp, waar hij opnieuw zijn rondje langs de deuren begint. In de kleine steden speelt hij in winkelstraten, maar als de politie zijn vergunning wil zien, kan hij die niet tonen en moet verdwijnen.
Dat brengt hem bij het volgende gehucht of kerkdorp.
Tot de vrieskou komt, die zijn vingers en handen verstijven en zijn mondorgeltje aan zijn lippen doet vriezen. Dan komt er geen geld meer binnen, geen munten meer in zijn centenbakje en breekt de tijd aan van zuinig zijn en proberen rond te komen met het geld wat die zomer apart gelegd is.

Met een kleine beweging nestelt hij zich nog behaaglijker in het stro en zijn gedachten dwalen af naar de voorbije zomer, toen de zon alles heerlijk opwarmde. De grond waarop hij liep, de beek waar hij zich in opfriste en het gras, waarin hij zijn middagdutje deed. Ook waren de dagen veel langer en dat betekende meer uren banjo en mondharmonica spelen, meer uren vrolijk zijn, meer uren muziek maken. Muziek, die hem vreugde en vrede geeft.
En geld om in leven te blijven.
Hij legt elke zomer wel wat opzij om de winter te overleven. De zomer! Bij die gedachte wordt hij warm en valt langzaam in een diepe slaap.

Het is ochtend, de morgen van Eerste Kerstdag.
Als het zwakke zonlicht en het kraaien van een haan in de verte de wereld wakker maakt, staat de banjo-speler op, slaat het stro van zijn kleren en gooit zijn spullen over zijn schouder. Even later klopt hij op de keukendeur van de boerderij. De boer, net klaar met de verzorging van zijn dieren, doet open.
“Kan ik u nog ergens mee helpen,” zegt de muzikant en hij kijkt de man in de blauwe overall vragend aan. Door de geopende deur ruikt hij de geur van verse koffie.
“Of moet ik u nog iets betalen voor de overnachting?”
De boer schudt ontkennend zijn hoofd. In de winter is er weinig werk op de boerderij en zijn dieren zijn verzorgd. Bovendien heeft zijn slaapgast niet de goede lichaamsbouw voor het zware boerenwerk. Alleen het eelt op zijn vingertoppen verraad zijn beroep als banjo-speler.

De muzikant kijkt langs de boer de keuken in.
Rondom een lange houten tafel zitten zes kinderen, drie zonen aan de ene zijde, twee dochters en de kleinste zoon aan de andere kant. Op een lage kast staat een eenvoudige kerstboom, niet rijkelijk aangekleed. Toch brengt de kleine den met zijn gekleurde ballen en brandende lampjes een gezellige kerstsfeer in deze leefruimte.
De boerin bevindt zich aan de kopzijde van de tafel, direct bij het grote kolengestookt fornuis en ook vlakbij de grote aanrecht. Haar blik kruist even die van haar man, die zich half omgedraaid heeft. Een blik van verstandhouding en de boer draait zich weer terug naar de man met de rugzak.
“Kom binnen,” zegt hij en doet uitnodigend een stapje terug. “Doe je rugzak en jas af en schuif aan. We hebben eten zat! Vrouw, schenk eens een lekker bakske koffie in!”
Even weifelt de zwervende muzikant, maar dan stapt hij de gezellige woonkeuken in en ontdoet zich van tas en jas. Een van de kinderen schuift zijn stoel naar hem toe en haalt voor zichzelf een kruk uit het achterhuis.
Dan wordt er goed gegeten.
De tafel is gevuld met brood, eieren, spek, worst en gerookte ham en de gast maakt daar dankbaar gebruik van, terwijl de gastheer en vrouw etend tevreden toekijken.

Na de maaltijd wordt de banjo en mondharmonica uit de muziekkoffer gehaald en klinken de kerstliederen door de grote keuken, meegezongen door de boerendochters en zonen. De veehouder en zijn echtgenote kijken elkaar aan, genietend van de zang en de muziek. Op de boerderij is nog nooit zulk een mooi kerstfeest gevierd! De boer biedt zijn gast een sigaar aan en steekt er zelf ook een op.
Het is toch een feestdag, nietwaar?
Samen laten zij de rook van de dikke sigaren door de grote keuken kringelen en de banjoman vergelijkt ze met het gevoel van geluk, waarvan hij dit moment geniet. De ringen rook stijgen op tot aan het plafond, waar de kleine wolkjes zich verspreiden en in het niets verdwijnen…………

Bij deze gedachte maakt hij aanstalten om te vertrekken. De banjoman wil het gezin verder niet storen, maar nog een kop koffie slaat hij niet af. Dan trekt hij zijn jas aan en neemt de rugzak op zijn schouders. Pakt de muziekkoffer en dankt de boer en zijn vrouw voor de gastvrijheid. Hij gaat door de keukendeur en steekt nog eenmaal zijn arm ten afscheid in de lucht. Dan loopt hij de wereld weer in.
Terug in de kou, terug in de eenzaamheid.
De banjoman marcheert naar een volgend onbekend doel. Hij hunkert naar de zomer, die hem warmte en nieuwe geestkracht zal geven om met zijn banjo en mondorgeltje van deur naar deur te trekken en de mensen gezellige muziek te brengen.
Nog nagenietend van de goede maaltijd en de gezelligheid met het boerengezin stapt hij voort, vol gepompt met nieuwe energie. Zal hij richting zijn vroegere woonplaats gaan? Mogelijk komt hij daar zijn zoon tegen!
Met deze gedachte loopt hij vrolijk verder, echter niet wetend welke richting hij is ingeslagen. Hij is weer alleen en eenzaam, maar heeft een glimlach om de mond bij de mooie herinnering aan deze Kerstmorgen bij het boerengezin.
Dit kleine beetje geluk heeft hem weer een stuk levensmoed gegeven.

© Henk M. van Oosterwijk. 23 december 2015.

Reageer als eerste

Centrum, Oosterhout